07 sep 2020

Europese zwarte lijst voor derde landen met een hoog risico op witwassen - Belgisch standpunt

In februari 2019 onthulde de Europese Commissie haar voorstel van zwarte lijst van 23 rechtsgebieden waar een aanzienlijk risico op witwassen zou bestaan, die niet voldoende maatregelen nemen witwassen of die zelfs een vrijhaven voor de financiering van terrorismezijn .

Deze lijst bevatte zowel gehele landen als aparte jurisdicties van derde landen en omvatte plaatsen zoals de Bahama's, de Amerikaanse Maagdeneilanden, Panama en Saoedi-Arabië. De zwarte lijst komt voort uit de vijfde EU-antiwitwasrichtlijn, diens omzetting in Belgische regelgeving reeds plaats heeft gevonden door het wetsontwerp "houdende diverse bepalingen tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten".

Dit wetsontwerp voorziet ondermeer via voorgesteld artikel 51 in verplichte verscherpte cliëntenonderzoeksmaatregelen die ondernomen moeten worden door meldingsplichtige entiteiten bij alle transacties naar deze derde landen op de zwarte lijst. Een dergelijke verscherpte aanpak wordt via de vijfde richtlijn uniform in de gehele EU ingevoerd, zodat er qua witwastransacties naar deze derde landen geen triage binnen de EU plaatsvindt richting die lidstaten met de meest coulante regelgeving ter zake.

In maart 2019 bleek echter dat de vertegenwoordigers van de Europese lidstaten unaniem de lijst voorgesteld door de Commissie verwierpen. Zo bleken Frankrijk en Groot-Brittannië Saoedi-Arabië en andere geopolitieke bondgenoten van de lijst te willen verwijderen, beschermde Spanje Panama en lobbyden de Verenigde Staten om de vier Amerikaanse rechtsgebieden van de lijst te halen.

Door dit naar unanieme besluit van de Raad van 7 maart 2019, dus inclusief België, werd de versterkte gekwalificeerde meerderheid, die overeenstemt met 72% van de lidstaten en 65% van de EU-bevolking, gehaald die benodigd was om dit gedelegeerd besluit van de Commissie niet in werking te laten treden. Zo bleef er in 2019 van de 23 door de Commissie voorgestelde landen uiteindelijk maar 10 over. Zo werd Saudi-Arabië van de lijst gehaald, net als Panama en een aantal jurisdicties die onder de Verenigde Staten vielen (zoals de Amerikaanse Maagdeneilanden).

In zijn antwoord op een vraag van Kamerlid Van Besien stelde minister van Financiën De Croo daarover het volgende:

"België heeft tot op het einde uitdrukkelijk een onafhankelijke EU-lijst blijven steunen en was akkoord met de voorgestelde lijst van de Commissie. Toen bleek dat alle andere lidstaten, behalve België, bezwaar had tegen de lijst, heeft België heeft zich bij het verzet van de andere landen aangesloten. Dit gebeurde enerzijds omdat België een aantal bezorgdheden van de andere lidstaten over het gevolgde proces deelde en anderzijds omdat België de unanimiteit niet wenste tegen te houden. Na het verzet van de Raad tegen de gedelegeerde verordening besloot de Commissie om, in overleg met de lidstaten, de methodologie voor de identificatie van derde landen met een hoog risico te verfijnen teneinde het proces transparanter en nauwkeuriger te maken. Hierbij werd ook rekening gehouden om de nieuwe EU-lijst beter af te stemmen op de door de Financial Action Task Force (FATF) gepubliceerde lijsten. In afwachting van de aanpassing en de concrete toepassing van de nieuwe methodologie werden enkel de landen op de EU-lijst behouden die voordien ook op de door de FATF gepubliceerde lijsten stonden. België was hiermee akkoord. Met de Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/855 van de Commissie van 7 mei 2020 werd de EU-lijst aangepast aan de wijzigingen aan de FATF-lijsten sinds 2018. België heeft hiertegen geen bezwaren geuit. De nieuwe methodologie voor de identificatie van derde landen met een hoog risico werd op 7 mei 2020 bekendgemaakt. (https://ec.europa.eu/info/sites/info/files/business_economy_euro/banking_and_finance/documents/200507-anti-money-laundering-terrorism-financing-action-plan-methodology_en.pdf)

Hoofdstuk 7 van deze methodologie bevat de planning voor de evaluatie van derde landen door de Commissie om na te gaan of zij een hoog risico vormen. Deze planning voorziet in een evaluatie van de ‘priority 1 countries’ tegen het einde van 2020. De ‘priority 1 countries’ zijn de 47 landen die de Commissie op 13 november 2018 als zodanig heeft geïdentificeerd (https://ec.europa.eu/info/sites/info/files/list_of_scoping-priority-hrtc_aml-cft-14112018.pdf). Overeenkomstig de nieuwe methodologie voor de identificatie van derde landen met een hoog risico, gebeurt de identificatie van deze landen door de Commissie en niet door de lidstaten. De Commissie raadpleegt tijdens dit proces wel de deskundigen uit de lidstaten. Ook het Europees Parlement en de Raad hebben in de verschillende fasen van deze procedure toegang tot alle relevante informatie. België onderschrijft de op 7 mei 2020 bekendgemaakte methodologie voor de identificatie van derde landen met een hoog risico en volgt in nauw overleg met de andere lidstaten de werkzaamheden van de Commissie op."

 

Cookies op groen.be

Groen gebruikt functionele en analytische cookies die noodzakelijk zijn om de website goed te laten functioneren. Deze cookies verwerken geen persoonsgegevens en hier is geen toestemming voor nodig.

Als je daarvoor toestemming geeft, maken we ook gebruik van marketingcookies. Die stellen ons in staat om de website beter af te stemmen op jouw voorkeuren.

Je kunt je instellingen altijd weer wijzigen op de pagina over de cookies.

Voorkeuren aanpassen
Alle cookies accepteren