16 jun 2021

Jobgroei in de circulaire economie

Tijdens de commissievergadering van 16 juni 2021 heeft Dieter Van Besien de Minister van Economie ondervraagd over de jobgroei in de circulaire economie. Uit een studie die op 4 mei 2021 werd gepubliceerd bleek dat de jobgroei in de circulaire economie in Vlaanderen veel groter was dan in de Vlaamse economie in het algemeen. Dit is natuurlijk zeer goed nieuws. Zorgwekkend was echter het feit dat de reparatiesector, als enige sector die onderdeel uitmaakt van de circulaire economie, in de voorbije twaalf jaar net een jobkrimp meemaakte. Om die reden vroeg Dieter Van Besien aan Pierre-Yves Dermagne wat zijn plannen zijn om de tendens in deze cruciale sector te keren. 

De circulaire economie trekt aan

Het SBO-project Michelle heeft op 4 mei 2021 een studie gepubliceerd over de jobgroei in de circulaire economie in Vlaanderen. Deze steeg veel sneller dan de algemene jobgroei. De verklaring bestaat eruit dat we in België belangrijke troeven in handen hebben voor de uitbouw van de circulaire economie, de Europese Unie hier versterkt op inzet, en dat de circulaire economie in het algemeen een hoge arbeidsintensiviteit heeft, terwijl de vereiste scholingsgraad eerder laag is. Gezien de ambities van onze regering, zowel wat betreft het verhogen van de werkgelegenheidsgraad als wat betreft het vergroenen van onze economie, is maximaal inzetten op de ontwikkeling van de circulaire economie een vanzelfsprekende keuze.

Hierbij zal het ook van groot belang zijn om sterker in te zetten op de reparatiesector, die als enige sector binnen de circulaire economie in Vlaanderen een jobkrimp kende over de voorbije twaalf jaar. Reparatie is essentieel om de levensduur van producten te verhogen en onze  uitstoot te verminderen. Reparatie heeft zo een fundamentelere rol te spelen dan bijvoorbeeld recyclage, aangezien recyclage vaak neerkomt op 'downcycling' van de betrokken materialen (de kwaliteit van de materialen gaat vaak naar omlaag in het recyclageproces), en recyclage ook veel energie vereist. Deze uitgangspunten zouden veel sterker vertaald moeten worden in ons economisch beleid dan in het verleden het geval is geweest. Om die reden ondervroeg ik de Minister naar zijn plannen om de circulaire economie te ondersteunen, en het tij in de reparatiesector te keren.

Mijn vraag aan de Minister

Op 4 mei werd er een studie gepubliceerd over de jobgroei in de circulaire sector in Vlaanderen. De studie bevestigt dat de uitbouw van de circulaire economie veel jobs kan opleveren. Tussen 2008 en 2020 is de werkgelegenheid in de circulaire economie drie keer sneller gegroeid dan het Vlaams gemiddelde. De Green Deal en de ambities van de federale regering zullen dat groeicijfer nog meer omhoog duwen. Belangrijk hierbij is dat de uitbouw van de circulaire economie en industrie werkgelegenheid creëert voor zowel hoog- als laaggeschoolden, waardoor het gemiddelde opleidingsniveau in de circulaire economie lager uitvalt dan in de algemene economie. Inzetten op de circulaire economie zal dus sterk bijdragen tot het realiseren van de ambities omtrent het verhogen van de werkgelegenheidsgraad.

Er is echter een zorgwekkende tendens die in de studie naar voren kwam en die betreft de reparatiesector, waar tussen 2008 en 2020 een daling van de werkgelegenheid werd vastgesteld. Nochtans is het repareren van producten een belangrijk onderdeel van de circulaire economie. In uw beleidsverklaring stelt u dat u samen met de minister van Klimaat een actieplan voor de circulaire economie zult uitwerken. Ik heb daarom de volgende vragen voor u, mijnheer de minister.

De cijfers in de studie gaan over Vlaanderen. Zijn er in de andere regio's vergelijkbare cijfers met betrekking tot de jobgroei?

Gelooft u dat het maximaal inzetten op het realiseren van een circulaire economie in het bijzonder de Belgische werkgelegenheid ten goede zal komen?

Hebt u een verklaring voor de krimp van de werkgelegenheid in de reparatiesector? Wat zijn de uitdagingen die de sector heeft en met welke
maatregelen zult u die uitdagingen aangaan in het actieplan voor een circulaire economie?

Het antwoord van de Minister

Uit de data van de RSZ voor dezelfde selectie van sectoren blijkt dat in Wallonië, net als in Vlaanderen, in de eerste drie kwartalen van 2020 2,3 % van de werknemers tewerkgesteld was in de circulaire economie. De circulaire economie is in Wallonië tussen 2008 en 2020 met bijna 15 % gegroeid, maar in Brussel zien wij een krimp met meer dan 10 % in dezelfde periode en een lichte stijging in 2020. Het klopt dat voor België in zijn geheel de reparatiesector de enige sector is die krimpt in die periode, maar dat is enkel te wijten aan de evolutie in Vlaanderen en Brussel. In Wallonië groeide de sector relatief sterk.

De verdere ontwikkeling van de circulaire economie is niet enkel noodzakelijk vanuit het oogpunt van het milieu, maar biedt zeker ook opportuniteiten op het vlak van werk. Een efficiënt gebruik van hulpbronnen, de circulaire economie en de innovaties op dat vlak bieden kansen om duurzame en lokale banen te creëren, de veerkracht van onze economie te versterken, reparatiediensten en de sociale economie te stimuleren en nieuwe markten en concurrentievoordelen te creëren.

Het federale actieplan voor een circulaire economie bevat daarom de volgende maatregelen om de ontwikkeling van de reparatiesector te stimuleren: het ontwerp van bepaalde producten verbeteren om de herstelling ervan te vergemakkelijken en een verplichte index op producten op het moment van de aankoop in de winkel en online om de consument te informeren over de eventuele herstelbaarheide van het product; de richtlijn over de wettelijke garantie omzetten zodat consumenten hun recht op herstelling gemakkelijker kunnen doen gelden; en een communicatiecampagne opzetten om de consument bewust te maken van duurzame consumptie en de circulaire economie.

Mijn repliek

Ik ben ervan overtuigd dat iedereen zich hoe langer hoe meer bewust wordt van het feit dat grondstoffen eindig zijn, dat de economie en de industrie zich daaraan zullen aanpassen en dat er een transformatie komt waarbij bedrijven het ontwerp, maar ook de gebruikte grondstoffen en de levenscyclus van hun producten grondig zullen herwerken. Meer nog, die transitie is al volop bezig. Dat biedt kansen voor ons land. Wij beschikken over vele onderzoekers en universiteiten die deze transitie kunnen begeleiden. Lager geschoolden kunnen op hun beurt zorgen voor de nieuwe productie. Laten we dus volop inzetten op deze toekomstgerichte economie. Ik kijk uit naar uw plan daarvoor. Laten we ook onze uiterste best doen om ervoor te zorgen dat Brussel niet achterblijft.

Conclusie

Het is goed om te zien dat de Minister op dezelfde lijn zit als mijn partij wat betreft het ondersteunen van de circulaire economie. Het is ook hoopvol om te horen dat de circulaire economie zelf sterker groeit in Wallonië dan in Vlaanderen, en dat ook de reparatiesector daar een groei kent. De uitgangspunten van het federaal actieplan voor een circulaire economie kan ik dan ook volledig ondersteunen. Het introduceren van een reparatiescore voor producten is daarbij een bijzonder beloftevolle maatregel die mijn fractie in het verleden ook heeft verdedigd. Een dergelijke reparatiescore zal burgers bewuster maken van hun opties, en kan een belangrijke kapstok vormen voor verder beleid. Ik zal in de toekomst de uitrol van het federale actieplan van dichtbij opvolgen en er samen met de regeringspartners op toezien dat de ambities ook effectief verzilverd worden. 

Reacties

Vennligst sjekk din e-post og klikk på lenken for å bekrefte din nye e-postadresse.
Cookies op groen.be

Groen gebruikt functionele en analytische cookies die noodzakelijk zijn om de website goed te laten functioneren. Deze cookies verwerken geen persoonsgegevens en hier is geen toestemming voor nodig.

Als je daarvoor toestemming geeft, maken we ook gebruik van marketingcookies. Die stellen ons in staat om de website beter af te stemmen op jouw voorkeuren.

Je kunt je instellingen altijd weer wijzigen op de pagina over de cookies.

Voorkeuren aanpassen
Alle cookies accepteren