20 feb 2020

De Bankenunie: onderhandelingen zonder einde?

Na de bankencrisis en de eurocrisis, die bijna een einde maakten aan het financiële en economische systeem zoals we het nu kennen,  besloten de verschillende Europese lidstaten werk te maken van een Bankenunie. 
Deze Bankenunie moet er met name voor zorgen dat de banken berekende risico’s nemen en dat een bank die hiervan afwijkt, betaalt voor haar verliezen en wordt geconfronteerd met de mogelijkheid dat zij wordt gesloten, met zo weinig mogelijk kosten voor de belastingbetaler.
Ook is het heel belangrijk dat de zogenaamde "dodelijke omhelzing" tussen een land en zijn bankensector wordt doorbroken, waarbij grote banken die in de problemen komen het land waarin zij gevestigd zijn meesleuren, en vice-versa. 

Twee pijlers van deze bankenunie staan al overeind. De derde, eveneens heel noodzakelijke pijler, raakt echter maar niet opgericht. Dit is risicovol, want heel wat banken binnen de Europese Unie hebben nog altijd te veel rommelkredieten of staatsobligaties van het eigen land op hun balans. Het volmaken van de bankenunie met de derde pijler, het zogenaamde Gemeenschappelijk Depositogarantiestelsel (EDIS) zou in het geval van omvallende banken spaarders beter beschermen en banken minder afhankelijk maken van hun eigen, nationale overheid.

Op een vraag van Dieter in het federale parlement, drukte minister van Financiën De Croo zijn frustratie uit over het eindeloze uitstel in dit dossier. Maar vooruitgang op beide punten werd moeilijker naarmate de politieke situatie in Italië en Duitsland onstabieler werd. Italië blijft gekant tegen elke vorm van regelgevende verstrenging van de risicoweging voor overheidsobligaties, terwijl Duitsland en Nederland weigeren te spreken over een volwaardig depositogarantiestelsel, zolang er geen voldoende risicovermindering voor overheidsobligaties is gerealiseerd. 

Daarnaast bevind België zich in een discussie met Frankrijk over de grensoverschrijdende integratie van banken en meer specifiek de spanning tussen hoofdkwartieren en filialen in andere lidstaten. België blijft hier pleiten voor sterke juridische garanties inzake solidariteit tussen lidstaten waar hoofdkwartieren gevestigd zijn, en lidstaten met grote filialen van deze banken. De minister benadrukte dat het essentieel is om onze spaarders en bedrijven te beschermen in tijden van crisis.

Dieter was verheugd te horen dat België, ondanks het voortdurende oponthoud in dit dossier,  blijft ijveren voor
een snelle doch evenwichtige verdieping van de Bankenunie, met een volwaardige EDIS als derde belangrijke pijler van de bankenunie en voldoende risicovermindering.