30 mei 2020

Energiebeleid Wereldbank - Verbeteringen noodzakelijk

In december 2017 kondigde de Wereldbank aan dat in het kader van haar engagementen voor het klimaatakkoord van Parijs na 2019 investeringen in fossiele brandstoffen niet langer op steun zouden kunnen rekenen, tenzij in uitzonderlijke gevallen. Een erg noodzakelijke beslissing, gelet op het feit dat tussen begin 2014 en eind 2018 de investeringen van de Wereldbank in fossiele energie veel hoger lagen (21 miljard dollar) dan deze in hernieuwbare energie (12 miljard dollar, waarvan 7 miljard voor grote stuwdamprojecten).

Aan het hoofd van de instituties die samen de Wereldbank vormen  (met name de  International Bank for Reconstruction and Development (IBRD) en de International Development Association (IDA)) staat telkens een Raad van Bestuur met 25 directeurs en hun plaatsvervangers. Elke directeur vertegenwoordigt een land of een groep landen, waarbij het aandeel in het kapitaal van de bank ook het stemrecht bepaalt. De kiesgroep waar België deel van uitmaakt staat in voor ongeveer 5,5 procent van het kapitaal van de Wereldbank, waarvan een derde door België is aangeleverd. De Belgische vertegenwoordiger is plaatsvervangend directeur en geeft samen met de Oostenrijkse directeur vorm aan het beleid van onze kiesgroep, en beslist mee over de projecten en strategieën van de Wereldbank.

Kamerlid Dieter Van Besien (Groen) stelde minister van Financiën de volgende vragen:

  • Wat zijn de uitzonderlijke gevallen waarin de Belgische vertegenwoordiger vanaf dit jaar nog voor projecten in de fossiele sector zou stemmen? Aan welke criteria zouden die projecten moeten voldoen?
  • Hoe verhield de Belgische vertegenwoordiger zich in het algemeen tegenover fossiele projecten die in 2019 op de verschillende Raden van Bestuur passeerden, en dit zowel binnen de IBRD en de IDA als binnen de andere instellingen van de Wereldbankgroep?
  • Meer specifiek: kan de minister de Belgische positie en stemgedrag toelichten wat betreft de volgende projecten die in 2019 werden goedgekeurd?
    1. Sheberghan (Gas - Afghanistan)

    2. Temane (Gas - Mozambique)

    3.  Ondersteuning olie-en gassector Guyana (project P166730)

  • Een groot deel van de steun van de Wereldbank wordt gegeven via de zogenaamde "Development Policy Financing" (DPF) die niet vast hangt aan een specifiek project. Overheden zijn relatief vrij in het besteden van deze budgetten, met uitzondering van zogenaamde "uitgesloten uitgaven" (alcohol, tabak, de nucleaire sector, de sector van goud en juwelen). Tussen 2014 en 2018 bleken in het kader van DPF heel wat budgetten van de Wereldbank naar de olie-en gasindustrie, en zelfs de steenkoolindustrie te vloeien.
    1. Heeft België al actie ondernomen om ook de fossiele sector op te nemen in de categorie "uitgesloten uitgaven" in de akkoorden met ontvangende landen bij steun in het kader van DPF ?
    2.  Zal België hier in de toekomst initiatieven rond nemen?



De minister voorzag in volgend antwoord:

"De Wereldbank is gestopt met de financiering van investeringen in fossiele brandstoffen in 2019, onder meer in navolging van het klimaatakkoord van Parijs. Enkel in uitzonderlijke gevallen kan financiering van stroomopwaartse gasprojecten overwogen worden wanneer er een duidelijk aanwijsbaar voordeel is inzake betaalbare energietoegang voor de armsten. Op dit  ogenblik is er geen financiering gepland die beantwoordt aan deze  uitzondering. Bovendien heeft de Wereldbank geen steenkoolprojecten meer gefinancierd sinds 2010.

 

Algemeen kan men stellen dat de Wereldbank, in het kader van de globale klimaatagenda, zich vooral concentreert op het bevorderen van hernieuwbare energie, wat een steeds belangrijker aandeel krijgt in de energieportfolio en dit gecombineerd met een selectieve benadering inzake gasprojecten. Projecten ter bevordering van energie-efficiëntie, de circulaire economie maken ook deel van de operationele activiteiten van de Wereldbank in de strijd tegen broeikasgasemissies.

 

Zoals u wellicht weet, maakt België deel uit van een kiesgroep in de Raad van Beheer, die bestaat uit 10 landen. Op dit ogenblijk wordt onze kiesgroep geleid door Oostenrijk. Er wordt getracht om zoveel mogelijk tot een gezamenlijk standpunt te komen binnen de kiesgroep, maar het is nog belangrijker dat dat standpunt over projecten en beleid in overeenstemming is met het EU-beleid ter zake. 

Met betrekking tot de door u vermelde projecten in respectievelijk Afghanistan, Mozambique en Guyana, kan ik bevestigen dat deze alle drie door de Raad van Beheer goedgekeurd werden, met inbegrip van de Belgische kiesgroep. Deze projecten werden als aanvaardbaar beschouwd grotendeels op basis van hun transitiepotentieel naar klimaatvriendelijkere energieverwekking, waarbij rekening gehouden werd met de beschikbare capaciteit in die  landen. Men mag  ook niet uit het oog verliezen dat energie essentieel is voor het verwezenlijken van het economische groeipotentieel van de betrokken landen. Daarnaast dient de steun van de Wereldbank ook gezien te worden in het versterken van het institutioneel kader van deze landen. Dit is ook essentieel in het verwezenlijken van ontwikkelingsdoelstellingen.

De Wereldbank beschikt over verschillende financieringsinstrumenten, waarvan beleidsondersteunende begrotingssteun en specifieke investeringsleningen de belangrijkste zijn. Deze laatste zijn nog steeds de belangrijkste vorm van tussenkomst.  Voor beide instrumenten gelden vergelijkbare basisprincipes, namelijk: vermindering van de uitstoot van broeikasgassen door specifieke klimaatacties en door het bewerkstelligen van een klimaatvriendelijker energiematrix, waarbij vooral ingezet wordt op de bevordering van hernieuwbare energiebronnen. Dit alles binnen de context van de inspanningen van de landen geformuleerd in hun respectievelijke nationale bijdragestrategieën ten aanzien van het Klimaatakkoord van Parijs.

Wat betreft uw deelvraag om de fossiele sector op te nemen in de categorie “uitgesloten uitgaven”, ben ik daar persoonlijk niet tegen gekant. Het lijkt me op dit moment in de specifieke context van de Wereldbank weinig realistisch om ook te realiseren aangezien enkele belangrijke olieproducerende lidstaten, waaronder onder andere de VS, Australië, Saoedi Arabië en Brazilië hiermee niet akkoord zouden gaan.

 

De Wereldbank is een belangrijke globale partner in de steunverlening aan ontwikkelingslanden ter bestrijding van de klimaatverandering, onder andere door landen bij te staan in hun transitie naar een klimaatvriendelijker energiebeleid. Belangrijk hierbij te vermelden is dat daarbij rekening wordt gehouden  met de huidige energiematrix in die landen en hun beschikbare capaciteit. Ik wil tenslotte benadrukken dat de Belgische vertegenwoordigers binnen onze kiesgroep in de Raad van Beheer er nauwlettend op toe zien dat de uitvoering van het klimaat-en energiebeleid in overeenstemming is met de filosofie van het Klimaatakkoord van Parijs en conform is met de ambitie van de Europese Unie. Ons land pleit hierbij consequent voor maximaal Europees overleg binnen de specifieke context van de Wereldbank."

 

Reacties

Vennligst sjekk din e-post og klikk på lenken for å bekrefte din nye e-postadresse.