28 apr 2020

Groen en Ecolo vragen uitwerking van eerlijke crisisbijdrage om de gevolgen van corona op te vangen

De coronacrisis confronteert ons land met de noodzaak om meer te investeren in gezondheidszorg en een sterk sociaal vangnet. Zoals de financiële crisis van 2008 heeft getoond, is een sterk publieke dienstverlening essentieel om de zwaarste gevolgen van een economische schok op te vangen, en dit geldt des te meer voor een sanitaire crisis zoals degene die we nu doormaken. Tijdens de coronacrisis en in de naweeën ervan, zullen er dus meer middelen voor deze diensten moeten worden vrijgemaakt.

Om de budgettaire verslechtering van de overheidsfinanciën tegen te gaan en aanhoudende investeringen in publieke dienstverlening, in het bijzonder de gezondheidszorg, mogelijk te maken, stellen wij voor om een crisisbijdrage in te voeren.

Deze bijdrage zou ten eerste tijdelijk zijn. Het is de bedoeling dat deze belasting de niet-structurele verslechtering van de federale overheidsfinanciën helpt opvangen. Het principe van een tijdelijke crisisbijdrage is niet nieuw. Vele landen hebben tijdens crisissen in het verleden op gelijkaardige wijze uitzonderlijke tijdelijke bijdragen geheven. Een voorbeeld is de belasting op buitensporige winsten (Excess Profit Tax), die de VS en het Verenigd Koninkrijk tijdens de wereldoorlogen geheven hebben.Ook België heeft ervaring met het instrument. In het kader van het Globaal Plan om de Maastricht-normen te halen, werd in 1993 een tijdelijke crisisbijdrage van 3 opcentiemen ingevoerd op de personenbelasting, de vennootschapsbelasting, de roerende voorheffing en de bijzondere heffing van de roerende inkomsten, alsook een solidariteitsbijdrage tussen 0 % en 2 % op pensioenen. Deze crisisbijdragen bleken echter niet van tijdelijke aard te zijn: de meeste bijdragen werden stopgezet begin de jaren 2000, de crisisbijdrage op de vennootschapsbelasting werd pas dit jaar volledig op-geheven en de solidariteitsbijdrage op de pensioenen bestaat nog steeds. Het is uitdrukkelijk onze bedoeling om de bijdrage slechts te laten duren tot de economie hersteld is van de zwaarste schokken van de coronacrisis. Dit neemt uiteraard niet weg dat er parallel structurele initiatieven kunnen en moeten genomen worden rond rechtvaardige en efficiënte fiscaliteit.

Ten tweede, en in contrast met de jaren 1990, moet deze crisisbijdrage gericht zijn op de grootste vermogens. Dit is ingegeven door rechtvaardigheid en solidariteit. De coronacrisis heeft alle burgers in ons land geraakt, vooral de meest kwetsbaren: ouderen, werkenden in atypische contracten die geen aanspraak kunnen maken op tijdelijke werkloosheid, kleine zelfstandigen...

Daarom moet een crisisbijdrage de burgers aanspreken die financieel het sterkst staan en waarvan de levens-standaard nauwelijks beïnvloed zal worden door de bijdrage, namelijk de topvermogens.Het totale vermogen van de Belgische huishoudens is zeer groot, maar tegelijk erg ongelijk verdeeld. Volgens de HFCS-enquête van de Europese Centrale Bank (ECB) bedroeg het nettovermogen (onroerend en roerend vermogen, waarvan schulden worden afgetrokken) van een mediaan Belgisch huishouden in 2014 218 000 euro, het hoogste bedrag in de eurozone na Luxemburg. Berekeningen van Kuypers en Marx (2017) op basis van deze enquête geven echter aan dat de 10 % rijkste Belgen in 2014 42,6 % van het totale nettovermogen van de Belgische huishoudens bezitten. Het mediaan nettovermogen van deze groep is 1,037 miljoen euro. Volgens de enquête zou de rijkste 1 % Belgische huishoudens goed zijn voor 12,1 % van het totale Belgische nettovermogen. In werkelijkheid ligt dit nog veel hoger, aangezien de topvermogens in enquêtes steevast ondervertegenwoordigd en ondergerapporteerd worden. De ECB (2016) schat het werkelijke vermogensaandeel van de rijkste 1 % tussen de 18 % en de 20 % van het totale Belgische vermogen. Dit alles betekent dat zelfs een procentueel beperkte bijdrage van de grootste vermogens reeds aanzienlijke middelen zou kunnen genereren.

Ten slotte lijkt een bijdrage van de grootste vermogens ons het minst verstorend voor het economische herstel. Om de overheidsfinanciën op lange termijn te vrijwaren, is het essentieel om dit herstel niet in het gedrang te brengen. Een tijdelijke bijdrage op arbeid, vervangings-inkomens of consumptie is dus niet aangeraden, want deze zou een negatieve impact hebben op de particuliere consumptie en de sociale cohesie.Het idee doet wereldwijd opgang. Het fiscaal departement van het Internationaal Monetair Fonds heeft op 6 april aan haar lidstaten aangeraden om een solidariteitsbijdrage om de topvermogens te overwegen.

Om te verzekeren dat een Belgische crisisbijdrage effectief en efficiënt zou zijn, willen wij de Hoge Raad van Financiën vragen om op korte termijn een aantal werkbare voorstellen te doen. Geïnformeerd door deze voorstellen zal de Kamer van volksvertegenwoordigers, indien ze het wenst, een eigen voorstel tot tijdelijke crisisbijdrage kunnen uitwerken



De volledige parlementaire tekst vind je hier: https://www.dekamer.be/FLWB/PDF/55/1203/55K1203001.pdf