24 nov 2021

Negatieve rente aangerekend aan schoolgroepen

Tijdens de commissievergadering van 24 november 2021 heeft Dieter Van Besien de minister van Financiën gevraagd naar de negatieve rente die banken aanrekenen aan scholengroepen. Momenteel is het zo dat banken in hun zoektocht naar rendement een negatieve rente aanrekenen aan mensen en organisaties die een som van een bepaalde grootorde op hun rekeningen hebben staan. De manier waarop deze drempelwaarde wordt berekend, heeft negatieve gevolgen voor bepaalde lokale overheden en scholengroepen. Zeker voor deze laatste is dit extra pijnlijk nu hun middelen verder onder druk komen door de keuzes van de Vlaamse regering. Dieter Van Besien vroeg de minister van Financiën naar zijn mening, en of hij in gesprek staat met de banken in kwestie om tot een socialer beleid te komen.

Negatieve rente

Banken rekenen voor mensen of organisaties een zeker percentage aan op de totale som die zij op hun bankrekeningen onder het beheer van de bank hebben staan wanneer deze som een drempelwaarde overschrijdt. Voor groepen (zoals een scholengroep) worden hiervoor de bedragen op alle individuele rekeningen van de leden van de groep opgeteld. Indien deze som het drempelbedrag tijdens een werkingsjaar op een gegeven moment overschrijdt, wordt de negatieve rente aangerekend op dat bedrag.

Het probleem voor scholengroepen en lokale overheden is dat de bedragen op de rekeningen van de leden van de groep in een bepaalde periode allemaal enorm toenemen, doordat zij dan hun werkingsmiddelen krijgen van de overheid. Er is dus geen manier waarop de groepen in kwestie het overschrijden van de drempelwaarde kunnen voorkomen. Daarenboven lijkt het idee dat de banken de beheerskosten op die manier aanrekenen niet billijk, aangezien de toegekende middelen door de individuele scholen direct worden aangewend. Het is dus niet zo dat de geparkeerde sommen op (en de daarbij behorende beheerskosten van) de rekeningen over het gehele jaar hoog liggen, hoewel elk jaar de drempelwaarde onoverkomelijk tweemaal wordt overschreden.

Deze extra kost voor de scholengroepen voelt in een context van moeilijke budgettaire oefeningen extra wrang. Hoewel de impact van het monetair beleid op het businessmodel van de banken niet ontkend kan worden, is het niet verdedigbaar dat zij deze impact zonder meer doorschuiven naar lokale overheden en onderwijsinstellingen. Deze laatste hebben het veelal minstens even moeilijk en kunnen weinig aan hun situatie veranderen om de aanrekening van de negatieve rente te voorkomen. Ik ondervroeg dan ook de minister dan ook naar zijn visie, en de manier waarop hij dit wil veranderen.

Mijn vraag aan de minister

De covidcrisis creëerde een economische recessie. Om te voorkomen dat dit zoals in 2008 de financieringsnoden in onze samenleving in het gedrang zou brengen, heeft de ECB via haar aankoopprogramma's overheidsactiva opgekocht om de rente laag te houden, en het geld te doen vloeien. Hoewel deze drastische ingreep nodig was, kennen we ook de negatieve gevolgen van dit monetair beleid. De aanwezigheid van grote hoeveelheden goedkoop geld zorgde ervoor dat de banken een heel lage of zelfs negatieve spaarrente uitkeerden en zorgde zo voor een verdere verhitting van o.a. onze woningmarkt. Het rentebeleid heeft onze economie staande doen houden, maar het heeft ook de ongelijkheid in onze samenleving doen toenemen.

Ondertussen weten we dat de covidcrisis en de relance de kredietinstellingen geen windeieren hebben gelegd. In september bleek uit de halfjaarcijfers dat de omzet en winstvooruitzichten bijna hersteld zijn. Op 1 oktober 2021 werd de bevriezing van het uitkeren van dividenden voor de banken beëindigd. Ondanks deze ontwikkelingen rekenen de banken nog negatieve rentes aan bij lokale besturen en onderwijsinstellingen. Dit kan zeer perverse gevolgen hebben. Zo moet een scholengroep negatieve rente op haar middelen betalen wanneer een zekere drempelwaarde is overschreden. Dit is het geval wanneer de som van de middelen van elke individuele school binnen een groep groter is dan die drempelwaarde. Aan het overschrijden van de drempel is geen ontkomen aan, aangezien alle scholen op hetzelfde moment hun dotatie ontvangen. Stel dat de scholengroep in totaal 10 mln euro aan werkingsmiddelen ontvangt. Dan moet zij aan een negatieve rente van 0.5% hoe dan ook 50.000 euro ophoesten aan de banken.

Ik heb hierover de volgende vragen:

1) Bent u op de hoogte van deze praktijk en berekeningsmethode van de banken?

2) Hoe verantwoordt u het feit dat onderwijsinstellingen hun werkingsmiddelen op deze manier zien slinken, terwijl zij voor grote financiële uitdagingen staan? Indien u dit niet te verantwoorden vindt, wat zal u hiertegen ondernemen?

3) Bent u op de hoogte van het feit dat vele lokale besturen met soortgelijke praktijken worden geconfronteerd? Welke actie plant u te ondernemen?

4) Hoe verhouden de inkomsten die de banken halen uit het aanrekenen van de negatieve rente zich tot de gezamenlijke winst die de vier grootbanken in de eerste helft van 2021 hebben geboekt? De Tijd schat deze nettowinst op 3,2 miljard euro.

Het antwoord van de minister

Een langdurige omgeving van lage rente vormt natuurlijk een grote uitdaging voor de banken. De rol die banken mee hebben gespeeld in het helpen opvangen van de gevolgen van de covidrecessie herinneren ons ook aan het belang van een financieel gezonde sector. Naarmate meer en meer beleggingen van de bank zeer lage tot negatieve rentes genereren, zullen de kredietinstellingen noodzakelijkerwijs ook op zoek gaan naar oplossingen om hun rentabiliteit op peil te houden. Deze zoektocht naar rendement neemt bij voorkeur de vorm aan van een duurzame oplossing, zoals de verbetering van de kostenefficiëntie of alternatieve inkomstenbronnen. Een op termijn gevaarlijke opbouw van risicoposities om het rendement op te krikken, wordt daarentegen het beste vermeden, aangezien dat de financiële gezondheid van onze financiële sector ook in het gedrang zou brengen.

Het is geen geheim dat banken bij die zoektocht naar alternatieve inkomstenbronnen in een omgeving van negatieve rentevoeten ook hebben gekozen om negatieve rentevoeten toe te passen op omvangrijke deposito's boven een bepaalde drempelwaarde. Dit kwam al een aantal keren aan bod in de media. De banksector en de kredietinstellingen zijn daarover vrij transparant geweest en behoudens de regelgeving over de toe te passen minimumvergoeding op de gereglementeerde spaarboekjes is dat ook conform de regelgeving.

Elke bank bepaalt zelf haar commercieel beleid ter zake. Het is natuurlijk niet uitgesloten dat eenzelfde type deposito, afhankelijk van de instelling waarbij dit wordt geplaatst, wel of niet een negatieve rentevoet krijgt aangerekend. We zijn op de hoogte van het feit dat de onderwijsinstellingen in bepaalde gevallen hun werkingsmiddelen op die manier zien slinken. Ik kan de betrokken instellingen er slechts aan herinneren dat er tussen hen en hun bankiers een grote contractuele vrijheid geldt, zodat het nuttig kan zijn om met de kredietinstelling rond de tafel te zitten om nieuwe voorwaarden te bedingen. Een andere mogelijkheid is uiteraard het veranderen van bank, zodat men wel opnieuw kan rekenen op een rekening waar geen negatieve rente wordt aangerekend.

Voor de Belgische banksector bedroegen de inkomsten die voortvloeien uit de toepassing van negatieve rentevoeten op deposito's van huishoudens, vzw's, niet-financiële ondernemingen en onderwijsinstellingen 86 miljoen euro in het kalenderjaar 2020 en 79 miljoen euro in de eerste 6 maanden van 2021. Deze bedragen komen overeen met respectievelijk 2 % en 2,5 % van de nettowinsten van de sector over deze periodes, die respectievelijk 4,3 miljard euro en 3,2 miljard euro bedragen. De Belgische banken passen hun negatieve rentevoeten vooral toe op de grote deposito's van andere kredietinstellingen en financiële instellingen, en nauwelijks op de deposito's van de huishoudens.

Mijn repliek

Ik heb al bij andere gelegenheden gezegd en herhaal hier opnieuw dat banken ook een maatschappelijke en sociale rol te vervullen hebben en dat ze hun verantwoordelijkheid moeten opnemen. De aangekondigde winsten tonen aan dat de sector zich op dit ogenblik toch niet in een staat van risico bevindt.

Ik weet ook dat het kort door de bocht is om te zeggen dat overheidsgeld dat bedoeld is voor het onderwijs in dit geval door de banken wordt afgeroomd om uit te delen aan hun aandeelhouders, maar het komt toch dicht in de buurt. Zoals u terecht zegt, zijn banken inderdaad privé-instellingen met een eigen commercieel beleid, maar ik hoop toch dat u in overleg wil gaan met de sector om hen ervan te overtuigen dat scholen en lokale besturen geen melkkoe mogen zijn om winsten op te drijven en dat we van de banken verwachten dat zij hiermee op een andere manier omgaan dan met een privébedrijf en stoppen met voor deze instellingen een negatieve rente aan te rekenen.

Conclusie

Ik ben ontgoocheld in het antwoord van de minister. We weten dat de banken door de aanhoudende lage rente hun inkomstenbronnen trachten te differentiëren. Door in zijn antwoord alleen te verwijzen naar deze economische realiteit en de opties die voor schoolgroepen in theorie open staan, doet de minister geen uitspraak over de billijkheid van de negatieve rente en of deze kost overeenkomt met de reële beheerskosten die banken dragen.

We mogen verwachten dat de banken in hun beleid rekening houden met de manier waarop instellingen worden gefinancierd, zodat instellingen gefinancierd door publiek geld niet de dupe zijn van hun beleid. Dit zou beter overeenkomen met de maatschappelijke verantwoordelijkheid die banken dragen. De minister moet volgens ons in de toekomst een meer assertieve houding innemen naar de banken toe. Ik zal erop waken dat de minister weet dat mijn fractie dit van hem verwacht, en initiatieven nemen waar wij kunnen tonen wat een dergelijke houding inhoudt.

Reacties

Vennligst sjekk din e-post og klikk på lenken for å bekrefte din nye e-postadresse.
Cookies op groen.be

Groen gebruikt functionele en analytische cookies die noodzakelijk zijn om de website goed te laten functioneren. Deze cookies verwerken geen persoonsgegevens en hier is geen toestemming voor nodig.

Als je daarvoor toestemming geeft, maken we ook gebruik van marketingcookies. Die stellen ons in staat om de website beter af te stemmen op jouw voorkeuren.

Je kunt je instellingen altijd weer wijzigen op de pagina over de cookies.

Voorkeuren aanpassen
Alle cookies accepteren